Herstelkader Rentederivaten; Ruime compensatie voor uw rentederivaat? Of toch niet?

Toch nog redelijk snel heeft de derivatencommissie haar aanbevelingen in het “Herstelkader Rentederivaten” op schrift gesteld en op 5 juli aan minister Dijsselbloem aangeboden. Het geeft alle betrokken banken richtlijnen waarlangs derivatendossiers opnieuw moeten worden beoordeeld in de hoop en de verwachting, dat de discussie hierover tot het verleden gaat behoren. De indruk wordt gewekt dat dit een zeer ruimhartige regeling betreft, daar valt echter veel op af te dingen. Graag zetten we voor u het voorstel uiteen met de nodige kanttekeningen.

Allereerste vraag is voor wie geldt dit plan (niet)?

Problemen met rentederivaten raakt het gehele Nederlandse bedrijfsleven. In stapjes minimaliseert de Commissie de toepassing van haar Herstelkader.

Stap 1.

De regeling heeft alleen betrekking op MKB bedrijven, die voor de wet worden beschouwd als niet-professioneel. Indien u aan twee van de volgende criteria (bij het aangaan van het derivaat!) voldoet, wordt u beschouwd als professioneel en is de regeling niet van toepassing:

  • Een balanstotaal van tenminste EUR 20 mio
  • Een omzet van tenminste EUR 40 mio
  • Een eigen vermogen van EUR 2 mio

Stap 2.

De Commissie gaat de toepassing verder beperken met een toetsing van uw deskundigheid op het gebied van derivaten. U kunt zich alleen beroepen op het Herstelkader, indien u niet-deskundig wordt verondersteld. Vreemd genoeg gaat dit niet over uw daadwerkelijke deskundigheid op het moment van afsluiten, maar kijkt men hiervoor naar het balanstotaal van uw onderneming. Was dat op het moment van afsluiten hoger dan EUR 10 miljoen dan kunt u zich niet beroepen op deze regeling.

Stap 3.

Dan is er nog een hele belangrijke beperking die veel belanghebbenden zal treffen. Indien de bank in uw oorspronkelijke financieringsaanbieding de VERPLICHTING heeft opgenomen om uw renterisico met een derivaat af te dekken, dan heeft dit consequenties voor wat er mogelijk wordt gecompenseerd. Juist dit soort clausules werd in kredietoffertes van banken veelvuldig toegepast. De bank moet dan nog wel aantonen, dat deze verplichting bestond op grond van een door de bank veronderstelde kwetsbaarheid van uw onderneming voor stijgende rentes.

Wat mag u verwachten en om welke bedragen zou het kunnen gaan?

We vinden het vervelend om u steeds te moeten teleurstellen, maar ook hier lijkt het allemaal mooier dan het daadwerkelijk is. De regeling maakt een onderscheid tussen het deel, dat u door de bank VERPLICHT was om af te dekken en het deel dat u ONVERPLICHT heeft afgedekt.

Voorts kan de bank twee soorten compensaties geven. Een eerste compensatie voor betaalde en nog te betalen rente en een tweede compensatie als vergoeding voor verhoogde kredietopslagen. U krijgt deze vergoedingen echter niet gelijktijdig over dezelfde bedragen en niet over de volledige bedragen.

Een voorbeeld:

U heeft een financiering afgesloten waarin de bank u verplichtte om 70% af te dekken. U heeft destijds echter besloten om uw risico voor 100% af te dekken. Deze laatste 30% is derhalve ONVERPLICHT afgedekt. Wat gebeurt er nu?

  1. Over het bedrag van de VERPLICHTE afdekking zal de bank u compenseren voor eventueel doorgevoerde verhogingen van kredietopslagen, maar niet voor de betaalde rente uit hoofde van het derivaat.
  2. Over het bedrag van de ONVERPLICHTE afdekking zal de bank u de rente vergoeden die u in het verleden op het derivaat heeft betaald en in de toekomst zal gaan betalen, maar maximaal tot 20% en dan ook nog gemaximeerd tot EUR 100.000.
    (Noot ICC; het is naar onze mening niet reëel dat u zelf dus tenminste 80% betaalt en de bank maximaal 20% met een maximum van EUR 100.000.)

Het zou te ver voeren hier om de regeling tot in detail te beschrijven, maar de schadeberekening is ingewikkeld en u dient zich goed te laten informeren omtrent de omvang van eventuele compensatiebedragen.

Overige aandachtspunten:

Als het voorstel in de huidige vorm door de banken zal worden gehanteerd, hebben ze in ieder geval nog zeer veel werk te doen.

Zij zullen u op eigen initiatief benaderen, als u in de periode van 1 april 2011 tot 1 april 2014 een derivaat bij de bank had lopen.

Is uw derivaat beëindigd voor 1 april 2011 dan dient u zelf contact op te nemen binnen een “redelijke” termijn. Hiervoor wordt een termijn van 6 maanden genoemd.

Indien u binnen dit herstelkader met de bank tot een oplossing komt, dan gebeurt dit onder “finale kwijting”, waarmee u nimmer kunt terugkomen op de gemaakte afspraken.

Er bestaat geen verplichting van uw kant tot acceptatie van voorstellen, die de banken zullen doen op basis van dit herstelkader. De weg naar een rechter dan wel het klachteninstituut Kifid blijft daarmee open staan.

Weliswaar wordt de banken opgedragen om terughoudend op te treden bij een (juridisch) beroep op verjaring dan wel een klachtplicht, maar het is absoluut niet zeker dat een dergelijk beroep ook altijd achterwege zal blijven. Wij adviseren u om hierover nader juridisch advies in te dienen om uw rechtspositie niet onnodig te verzwakken.

Conclusie

Naar onze mening blijft deze regeling sterk beperkt in haar toepassing met bescheiden financiële compensatie mogelijkheden en schiet daarmee volstrekt te kort in een algehele oplossing van het derivatenprobleem.
Echter, ook al is dit herstelkader beperkt in haar toepassing, we spreken de hoop uit dat de banken zich vanaf nu meer open zullen stellen voor een oplossing voor de dossiers, die (net) buiten dit herstelkader vallen. Hierin kan ICC u ondersteunen, desgewenst nemen we deel aan gesprekken, die u hierover met uw bank wilt voeren.

Wat kan ICC voor u betekenen?

Al vele jaren is ICC actief in de advisering van haar opdrachtgevers omtrent de derivaten problemen. We hebben inmiddels vele analyses verzorgd, waarbij derivatendossiers zijn doorgelicht op juiste productkeuzes, overhedges en de financiële consequenties daarvan, schadeberekeningen, etc. ICC ondersteunt vele gespecialiseerde advocaten bij voor de noodzakelijke technische input in verschillende gerechtelijke procedures.
ICC beschikt over rekenmodellen, waarbij over een periode van ca. 10 jaar terug in de tijd, diverse berekeningen kunnen worden gemaakt met rentetarieven, zoals deze in de betreffende periode golden.

N.B. Voor het integrale rapport “Herstelkader Rentederivaten” verwijzen wij u graag naar: www.derivatencommissie.nl.

Indien u vragen of opmerkingen heeft ben ik bereikbaar onder nummer +31 30 2328200 en per email op r.albregt@icc-consultants.nl.

Met vriendelijke groet,

Ron Albregt

Ron Albregt
Ron Albregt
Senior Consultant